Met het Deltaprogramma bereiden we ons voor op de toekomst. De kennis over klimaatverandering neemt toe en de effecten van maatregelen worden steeds beter zichtbaar. Tegelijkertijd verandert de werkelijkheid voortdurend en ontstaan er ook nieuwe inzichten. Daarom vindt iedere zes jaar een herijking plaats van de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën, zoals oorspronkelijk opgenomen in DP2015. Zo kan de koers tijdig worden bijgesteld als dat nodig is. Deltaprogramma 2020 geeft de eerste aanzet voor de herijking, die in Deltaprogramma 2021 zal landen in de vorm van meer concrete voorstellen.

Robuuste deltabeslissingen

De eerste zesjaarlijkse herijking is halverwege 2018 van start gegaan en loopt door tot en met het voorjaar in 2020. Uit de eerste resultaten blijkt dat de deltabeslissingen, zoals opgenomen in DP2015, nog steeds robuust zijn. In mei 2019 is het Bestuurlijk Platform Zoetwater overeengekomen dat - net als voor waterveiligheid en ruimtelijke adaptatie - ook voor zoetwater doelen voor 2050 worden geformuleerd. Daarbij wordt zoveel mogelijk gebruikgemaakt van de nationale doelen, zoals verwoord in DP2015. De doelen voor 2050 zullen in DP2021 worden toegevoegd aan de deltabeslissing Zoetwater. Hiermee vormen de deltabeslissingen het kader voor de maatregelen om Nederland in 2050 veilig, klimaatbestendig en waterrobuust te maken.

Adaptieve voorkeursstrategieën
De voorkeursstrategieën van DP2015 zijn adaptief ontworpen, waardoor ze kunnen worden aangepast als veranderende omstandigheden hiertoe aanleiding geven. De verwachting is dat dit op een aantal punten nodig zal zijn. In diverse stuurgroepen en bestuurlijke overleggen zijn mogelijke aanleidingen voor aanscherpingen of aanpassingen geanalyseerd.

‘Eerste aanzet mogelijke aanpassingen deltabeslissingen en voorkeursstrategieën’

Tussenresultaten en conclusies op hoofdlijnen

Analyse van de eerste zesjaarlijkse herijking leidt tot onder andere de volgende tussenresultaten en conclusies:

  • De deltascenario’s uit 2014 zijn de afgelopen jaren aangescherpt met nieuwe informatie uit de scenario’s voor Welvaart en Leefomgeving (WLO-scenario’s) en het ‘Parijs akkoord’. De conclusie is dat bij deze eerste zesjaarlijkse herijking beperkte aanpassingen van de deltabeslissingen en regionale voorkeursstrategieën volstaan om in te spelen op nieuwe inzichten in klimaatverandering.
  • De toekomstbeelden zijn nog onzeker. Daarom is het nodig te blijven investeren in onderzoek. Om beter zicht te krijgen op het tempo waarin de zeespiegelstijging zich op langere termijn ontwikkelt (na 2050), start een een Kennisprogramma  Zeespiegelstijging. Het kennisprogramma brengt ook de mogelijke gevolgen van een eventuele versnelling van de zeespiegelstijging in beeld voor waterveiligheid en zoetwatervoorziening.
  • Een aantal klimaatgerelateerde ontwikkelingen doet zich nu al voor, iets dat in 2014 niet voorzien was. Dit geldt onder meer voor clusterbuien, aanhoudende droogte en verzilting. Deze ontwikkelingen vormen aanleiding voor mogelijke aanpassingen en aanscherpingen van regionale voorkeursstrategieën en onderdelen van deltabeslissingen.
  • Ook de verschillende gevolgen van laagwater (zoals hinder voor de scheepvaart bij lage rivierafvoeren) zijn aanleiding voor mogelijke aanpassingen, met name van de regionale voorkeursstrategieën voor Rijn en Maas. Deze worden meegenomen in het programma Integraal Riviermanagement (IRM).
  • Ook nieuwe inzichten worden benut om deltabeslissingen en voorkeursstrategieën aan te scherpen of te concretiseren.

Niet alle waargenomen ontwikkelingen leiden nu al tot een mogelijke aanpassing. In sommige gevallen is bijvoorbeeld eerst nader onderzoek nodig om te bepalen of daadwerkelijk sprake is van een trend die aanpassing vereist van de deltabeslissing of de regionale strategie. Dit soort ontwikkelingen komen opnieuw aan de orde bij de tweede zesjaarlijkse herijking.

De mogelijke aanpassingen voor de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën staan beschreven op de verschillende thema- en gebiedspagina’s op de website Deltacommissaris.nl:  Waterveiligheid, Zoetwater en Ruimtelijke adaptatie en de pagina’s van de gebieden Rijnmond-Drechtsteden, Zuidwestelijke Delta, IJsselmeergebied, Rivier Rijn, Rivier Maas, Kust en Waddengebied.

Enquête waardering Deltaprogramma

In 2013 heeft de Erasmus Universiteit Rotterdam op verzoek van de deltacommissaris met een enquête gepeild hoe de deltacommunity het Deltaprogramma waardeerde, welke elementen in het Deltaprogramma zij als waardevol ervaarden en wat het Deltaprogramma zoal had opgeleverd. In 2018 is opnieuw een enquête gehouden, met het doel de deltacommunity te laten meedenken bij de eerste zesjaarlijkse herijking van de deltabeslissingen en regionale voorkeursstrategieën.