Overijssel was de eerste provincie die de City Deal Klimaatadaptatie ondertekende, in september vorig jaar. Die voortvarendheid typeert de ambitie van het provinciebestuur: zorgen voor een klimaatbestendig Overijssel. Ook in de nieuwe provinciale Omgevingsvisie speelt het klimaat een belangrijke rol. Gedeputeerde Bert Boerman vindt dat de provincie aanjager moet zijn op het gebied van ruimtelijke adaptatie: ‘Wij overzien het hele speelveld.’

Overijssel kreeg in april 2016 ook als eerste provincie steun vanuit het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie voor een Living Lab Ruimtelijke Adaptatie. Daarin wordt onderzocht welke innovaties kunnen worden ingezet om ruimtelijke adaptatie tot uitvoering te brengen en op welke nieuwe manier bewustwording en draagvlak te creëren is. De provincie is een verbinder, meent Boerman, en is in staat om alle betrokken partijen bij elkaar te brengen. ‘Ruimtelijke adaptatie vereist een integrale aanpak’, zegt Boerman, ‘want het raakt alle beleidsterreinen. Wij hebben daar in Overijssel goede ervaringen mee opgedaan bij een programma als Ruimte voor de Rivier in de IJsseldelta en bij de Vecht.’ Bij dergelijke ingrijpende programma’s op het gebied van waterveiligheid zijn alle denkbare partijen betrokken, zoals overheden, waterschappen, kennisinstellingen, bewoners, ondernemers en natuurorganisaties, maar ook partijen op het gebied van recreatie en toerisme. ‘Om te voorkomen dat iedere gemeente het eigen wiel gaat uitvinden, treden wij op als schakel tussen lokaal en landelijk bestuur’, vertelt Boerman.
Dat het niet alleen bij voornemens blijft, heeft de provincie Overijssel laten zien in de aanloop naar de nieuwe Omgevingsvisie ‘Beken Kleur’, die op 12 april met ruime meerderheid is aangenomen door Provinciale Staten. Een mobiel team van deskundigen trok langs de gemeenten om te praten met inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en andere betrokken partijen. Deze zogenoemde O-teams voerden tientallen gesprekken en verzamelden een schat aan informatie, die is verwerkt in de nieuwe visie.  

Maatwerk

Een andere informatiebron vormen de klimaatstresstesten, die zijn uitgevoerd door een groot aantal gemeenten en Waterschap Drents Overijsselse Delta. ‘Het is belangrijk om zo’n stresstest uit te voeren, omdat het duidelijk maakt welke klimaateffecten een rol spelen in een bepaald gebied’, zegt Boerman. ‘Dat kan namelijk flink variëren. Ruimtelijke adaptatie is maatwerk. We willen de uitkomsten van de stresstesten opnemen in een regionale Klimaateffectatlas, die weer de basis vormt voor ons Regionaal Adaptatieplan.’ Boerman zet ook hier vaart achter: hij wil het plan eind dit jaar presenteren en zou daarmee als eerste provincie uitvoering geven aan de Nationale Adaptatie Strategie (NAS), die in december 2016 verscheen. ‘De eerste bijeenkomst is achter de rug en we gaan verder met workshopachtige sessies om nog meer scherpte te krijgen in de specifieke klimaatopgave per gebied.’
De sessies zijn ook bedoeld als verbinding, want bij ruimtelijke adaptatie zijn tegenstrijdige belangen onvermijdelijk. ‘Die moet je op tafel krijgen en met elkaar bespreken’, zegt Boerman. ‘Uiteindelijk gaat het erom dat het algemeen belang – een klimaatbestendige provincie – prevaleert boven individuele belangen. Daar gaan we tijdens die sessies naar op zoek.’

Voorsprong op andere provincies

Collega-bestuurders volgen de ontwikkelingen in Overijssel met belangstelling, merkt Boerman. Een belangrijke tip voor zijn collega’s is dat ze geen nieuwe overlegstructuur moeten bouwen rondom ruimtelijke adaptatie: ‘Voeg ruimtelijke adaptatie toe aan bestaande overlegvormen; dat hebben wij ook gedaan.’ Boerman geeft toe dat Overijssel een voorsprong heeft ten opzichte van een aantal andere provincies, niet alleen door Ruimte voor de Rivier, maar ook door het Deltaprogramma Zoetwater, dat in 2015 leidde tot een bestuursakkoord Zoetwatervoorziening Oost-Nederland. ‘We kennen alle partijen goed. Daar komt bij dat we in Overijssel van nature geneigd zijn om samen te werken.’ Het Zoetwater-programma heeft ook voor een sterke verbinding gezorgd tussen de waterschappen die actief zijn in de provincie Overijssel.

Praktijkvoorbeelden

De betrokkenheid van de provincie Overijssel zie je ook terug bij de uitvoering van projecten in nauwe samenwerking met de gemeenten en waterschappen. Als voorbeeld noemt Boerman de woningbouw op een voormalig ziekenhuisterrein in Zwolle: ‘Als je een aannemer en een projectontwikkelaar hun gang laat gaan, bouwen ze op de manier die ze al jaren gewend zijn: op het maaiveld. Wij stimuleren – ook financieel – dat ze rekening houden met meer wateroverlast en hogere waterstanden dan we nu kennen. Dat kan dus betekenen dat de plannen moeten worden aangepast.’
De gedeputeerde constateert tot zijn tevredenheid dat steeds meer ondernemers in de provincie oog hebben voor ruimtelijke adaptatie. Zo verhuisde het grote online warenhuis Wehkamp de computerservers in hun distributiecentrum van de begane grond naar een hoger gelegen verdieping, zodat ze bij een eventuele overstroming onbeschadigd blijven. Ook drinkwaterbedrijf Vitens ontdekte tijdens een kwetsbaarheidsanalyse dat hun apparatuur onder het maaiveld staat en zint nu op maatregelen. ‘Dit zijn goede voorbeelden van hoe we moeten omgaan met klimaatverandering’, meent Boerman. ‘Ze dienen als inspiratiebron.’